 |
|
 |
Rivieren en Meren
De belangrijkste rivieren van Hongarije zijn de Donau (Hongaars: Duna) en de Tisza (Theiss), welke respectievelijk 410 en 600 km over Hongaars grondgebied stromen.
De Tisza, die in de Roemeens-Oekraïense grensstreek ontspringt, heeft in het verleden talloze overstromingen veroorzaakt. Na de bouw van een stuw in de Tisza in de jaren vijftig wordt een deel van het water door het 98 km lange Keleti-fócsatorna (Oostelijk hoofdkanaal) van deze rivier afgetapt voor irrigatiedoeleinden.
In het zuidoosten van het land is alleen artesisch water aanwezig, waarbij ondergrondse wateraders worden aangeboord om het water naar boven te krijgen.
De meren van Hongarije zijn zeer ondiep: het Balatonmeer of Platten See (596 km2) heeft een gemiddelde diepte van maar 3 tot 4 meter, het Velencemeer (Velencei-tó, 26 km2) 1 tot 2 meter. Het Fertő-meer (Neusiedler see, 337 km2), waarvan maar een klein gedeelte op Hongaars gebied, is meer een moeras; het water bevat alkalische zouten. Tussen de duinen van de Nagy Alföld bevinden zich eveneens vele zouthoudende meertjes.
Ga naar: Balatonmeer
Ga naar: Tisza meer
Ga naar: Velence meer
Ga naar: Donau rivier
|
|
 |
|